Kracht van Enschede houdt zich bezig met alles wat Enschede van haar sterke kant laat zien en is voorvechter van alle activiteiten in de regio waar de stad op vooruit gaat en sterker van wordt. Dit vindt plaats op een breed vlak. Kunst en Cultuur zijn sterk in opkomst terwijl Enschede haar best doet zichzelf op de kaart te zetten met alle initiatieven die in deze mooie omgeving plaats vinden.
Kracht van Enschede was te gast bij Jazzpodium De Tor en maakte deze impressie:
ENSCHEDE, Jazzpodium de Tor, vrijdagavond. Concert door Dual City Concert Band featuring Nadya Bolhaar. Bezetting: Nadya Bolhaar (zang), Sander Zwerink, Bas Konings, Arjan Stam, Pascal Haverkate (trompet), Vincent Veneman, Gerd Pol, Henri Gerrits, Gert Nijenbanning (trombone), Gerlo Hesselink, Luuk de Vries, Ewout Dercksen, Roel Penterman, Kees van Dooremalen (saxofoon), Wim de Vries (drums), Taeke Stol (bas), Chris Muller (piano)
Het huisorkest van de Tor wist er weer een mooie avond van te maken. En dat deed Dual City Concert Band niet alleen, Nadya Bolhaar zorgde met haar stem voor een extra dimensie bij deze fantastische bigband. Het programma is geïnspireerd op het Dutch Songbook, een album van zangeres Fay Claassen met de WDR Bigband.
Na zijn traditionele aankondiging probeert voorzitter Willem Habers het eerste stuk af te tellen, wat nog niet meevalt. Het nummer ‘Black Nile’, in een arrangement van Henri Gerrits, is een sterke opener met solo’s van Pascal Haverkate, Chris Muller en Gerlo Hesselink.
Daarna betreedt Nadya Bolhaar het podium. Het nummer ‘Nature Boy’, in een arrangement van Joan Reinders, wordt mooi kwetsbaar gezongen en gespeeld met een prachtige opbouw naar een climax. De trombonisten spelen met zogeheten buckets, de trompettisten op bugels en de saxofonisten spelen op fluiten en klarinetten. Solist Roel Penterman mag zeker benoemd worden, de klank van zijn tenorsax vult dit nummer prachtig aan.
Er volgt een opgewekt nummer ‘I love shoes’ dat gaat over Nadya Bolhaar zelf; het is het afstudeerstuk van broer(tje) Joris Bolhaar. Luuk de Vries speelt een fijne solo in dit nummer.
Het laatste nummer voor de pauze is een echte klassieker: ‘Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder’ in een arrangement van Rob Horsting. In dit nummer van Ramses Shaffy komt de veelzijdigheid van Bolhaars stem echt naar voren.
Na de pauze werd er afscheid genomen van trompettist Pascal Haverkate, die al sinds het begin actief is geweest binnen de band. Hij werd door de band in het zonnetje gezet en wees er op dat het bij DCCB altijd uitsluitend om de muziek draait.
In het nummer ‘Dat mistige rooie beest’ uit de film ‘Turks fruit’ scat Bolhaar met haar warme stemgeluid, wat prachtig wordt gecombineerd met een solo van toptrombonist Vincent Veneman.
De band Doe Maar mag natuurlijk niet ontbreken in het Dutch Songbook. ‘Is dit alles’ wordt lekker theatraal gezongen door Bolhaar, die een klein tekstueel missertje creatief oplost. Er is een feature voor leadtrombonist Veneman met zijn plunger en er is een belangrijke rol voor bastrombonist Gert Nijenbanning.
Het daaropvolgende gevoelige nummer ‘Zonder Jou’ met een tekst van Annie M.G. Schmidt wordt door Bolhaar en Muller uitgevoerd in een intieme setting.
Het nummer ‘Speak Low’ heeft een spetterende opening. Veneman pakt zijn moment en merkt pas na een paar maten van zijn solo dat zijn cup mute er nog in zit! Dit grappige voorgeval mag de pret niet drukken en Veneman zorgt alsnog voor een solo van niveau.
Het laatste nummer is weer een echte Nederlandse klassieker: ‘Zwart wit’ van Frank Boeijen in een arrangement van Rob Horsting is een uitstekende afsluiter van deze topavond.
Zo blijkt aan het eind van deze avond dat het Dutch Songbook een onuitputtelijke inspiratiebron is!
Niet echt jazz, maar wel heel leuk om hier te vermelden: Tor-vrijwilliger Marijn Ouwehand tekende voor de compositie die vanaf nu om kwart-over-ieder uur door het carillon in de Grote Kerk op de Oude Markt in Enschede wordt gespeeld.
Normaal gesproken worden alle liedjes die een automatisch speelwerk laat horen door de stadsbeiaardier bewerkt of bedacht. In Enschede gaat dat ook zo, maar met een kleine variatie. Onze stadsbeiaardier vraagt elk jaar in september/oktober via de lokale media en haar eigen social media kanalen aan mensen die in Enschede wonen, werken of studeren om voor de kwart-over plek op de speeltrommel een eigen compositie in te leveren. Als daar iets moois tussen zit, wordt die op de kwart-over positie op de speeltrommel gezet. Dit jaar kwam de inzending van Marijn Ouwehand als beste uit de bus.
“Het gaat in het leven om balans,” licht Marijn de titel van zijn compositie toe, ”balans tussen het goede en het kwade, het lieve en het venijnige, de hoop en het verdriet. Het hoort bij het leven en bij de geschiedenis van Enschede.” Dat heeft hij goed verklankt: zijn inzending viel op bij de jury doordat hij direct met een gewaagde dissonant begint en een aantal interessante wendingen laat horen. Het stuk heeft een onvoltooid einde. Het leven gaat immers door.
Marijn Ouwehand is geboren in Enschede en is daar nu gemeenteraadslid. Daarnaast is hij componist, arrangeur, dirigent en vocalist. Hij is afgestudeerd als Jazzvocalist aan het Conservatorium in Amsterdam.
Versteken van de speeltrommel
Het Enschedese automatisch speelwerk is gemaakt door klokkengieterij Van Bergen uit Heiligerlee (1862-1980) en in 1951 geplaatst in de toren van de Grote Kerk op de Oude Markt van Enschede. Sommigen denken dat de stadsbeiaardier elk kwartier naar boven klimt om een kort melodietje te spelen. Gelukkig is dat niet nodig. Bijna alle carillons in de ‘lage landen’ hebben naast een handspel ook een automatisch spel. Al in de 16de eeuw werd daarvoor een speeltrommel ontworpen: een grote cilinder van ongeveer anderhalve meter doorsnee met rondom verticale sporen met gaten erin. Aan de buitenkant van deze trommel wordt voor iedere muzieknoot een metalen pin (noot) door het juiste gat gestoken die daarna aan de binnenkant van de trommel wordt vastgeschroefd. Dit heet ‘versteken’.
Zo zijn er hoog in toren van de Grote Kerk van Enschede op 19 november weer vier nieuwe melodieën noot voor noot op de speeltrommel gezet. Die zullen we een jaar lang horen tot de volgende versteekbeurt in 2023. Stadsbeiaardier Esther Schopman: “Daarom kies ik nooit bekende muziek voor het automatisch spel, daar zou je op een gegeven moment genoeg van kunnen krijgen. Met onbekende liedjes gebeurt dat niet zo snel.”
Het was vrijdagavond al vroeg druk in Jazzpodium de Tor met publiek dat gekomen was voor een zevental muzikanten. Zoals eerder aangekondigd was drummer Erik Ineke weer van de partij, net als twee weken geleden. Het was alsof zijn duidelijk aanwezige speeltrant beter paste bij deze wat ruimere bezetting. Dat de man ook uit een uiterst subtiel vaatje kan tappen, bleek in de oeroude ballad Body and soul, waarin hij zich wapende met de brushes.
De Tor-vleugel had een avondje vrij, want (lees verder:)
Eigenlijk had ik meer publiek verwacht dan zich vrijdagavond aanvankelijk aanbood. En dat terwijl er niet de minste zangeres was aangekondigd: Estrella Acosta. Samen met haar vier mannen werd er een Cubaans feestje gebouwd dat zijn weerga niet kende. Na twee eerdere mislukte pogingen was het eindelijk gelukt (lees verder:)